Reading — Dialoog 1

Lees de dialoog. Beantwoord vervolgens de vragen: waar (true) of niet waar (false).

Dialoog 1

Carlo: Ik zoek het winkelcentrum. Is dat hier in de buurt?

Marco: Dat is niet zo ver. U rijdt hier rechtdoor tot aan de stoplichten. Daar gaat u linksaf. Na (200) meter komt u bij een rotonde. Bij de rotonde rechtdoor. Dan de (derde) straat rechtsaf. Het winkelcentrum is aan de rechterkant.

Carlo: Sorry, dat gaat een beetje te snel. Kunt u dat herhalen?

Marco: U ziet het winkelcentrum aan de rechterkant.

Carlo: Kan ik daar parkeren?

Marco: Er is een grote parkeerplaats.

Carlo: Bedankt.

Marco: Graag gedaan.

Tip: let op volgorde: stoplichten → linksaf → rotonde rechtdoor → derde straat rechts.

Waar of niet waar? Kruis aan.

1
Bij de stoplichten moet Carlo rechtdoor.
2
Bij de rotonde moet Carlo rechtsaf.
3
Dan moet Carlo de derde straat rechtsaf.
4
Het winkelcentrum heeft een kleine parkeerplaats.
Key from the dialogue: bij de stoplichten linksaf; bij de rotonde rechtdoor; dan de derde straat rechtsaf; parkeerplaats is groot.